Lees ook:

Over BordspellenCafe.nl

Bordspellencafe.nl is een digitale haven voor bordspelenthousiastelingen. Ons doel: jou voorzien van diepgaande reviews, interviews, en bruisende blogs waar zowel doorgewinterde spelers als nieuwkomers iets aan hebben. Ontdek de nieuwste spellen, deel ervaringen en vier de rijke diversiteit van bordspellen. Bordspellencafe.nl nodigt iedereen uit om aan boord te komen en de dobbelstenen te laten rollen!

Haggis – rijkdom met lege handen

Geschreven door Yorom

Gepubliceerd op juni 17, 2024

Heb je beter dan drie drieën? | foto: Yorom

Als de trick-taking aficionado van bordspellencafe.nl kan ik het niet laten om een kijkje te nemen naar Haggis, een ijzersterke trick-taker die dankzij uitgever Portland Games Collective een nieuw jasje en een nieuwe druk heeft gekregen. Haggis, bedacht door Sean Ross en voor het eerst uitgegeven in 2010, is een trick-taking/shedding game die ook bij een lager aantal spelers nog steeds schijnt te werken. Lukt het Haggis om tot de hoogste Hoogland-hoogtes te stijgen, of blijven we uiteindelijk toch zitten met schapenmaag over onze handen? Laten we een kijkje nemen!

Hoe speel je Haggis?

Je begint een hand bij Haggis door alle spelers een hand kaarten te geven, en de overgebleven kaarten apart te leggen – dat is vanaf nu de ‘haggis’, een stapeltje kaarten die de winnaar krijgt. Die kan je winnen door je hand leeg te spelen voordat alle andere spelers dat kunnen doen. De speler die opent, kiest wat voor soort combinaties je die ronde mag spelen (zie plaatje hieronder voor de melds die je in Haggis mag maken). De volgende speler mag vervolgens de kaarten die op tafel liggen proberen te overtroeven, of passen. Passen alle andere spelers nadat jij een set kaarten gespeeld hebt, dan scoor jij alle kaarten die deze ronde gespeeld zijn. Heb je al je kaarten gespeeld, dan win je de hand! De eerste speler die 250+ punten haalt óf de hoogste score heeft na zes handen, wint het spel!

Tot zo ver klinkt het vrij basic, maar Haggis heeft een paar hele interessante twists. De eerste is dat elke speler het spel begint met een boer, koningin en koning die open op tafel liggen. Dit zijn ‘jokers’ die je mag gebruiken als andere kaarten (om bijvoorbeeld een straatje compleet te maken), of als losse kaarten mag gebruiken. De tweede is dat niet alle kaarten punten waard zijn; alleen de joker kaarten en de oneven getallen zijn punten waard. De laatste twist is dat je (net als in Tichu) supersterke kaartcombinaties mag spelen (bommen geheten) waardoor je de slag gelijk wint. Dat klinkt super, maar daar zit wel een nadeel aan. Als je een bom speelt, win jij de slag – je wint echter niet de kaarten. Alle kaarten die in de slag zaten, gaan naar de scorestapel van je tegenstander. Dat allemaal bij elkaar zorgt ervoor dat Haggis niet ‘zomaar’ een kaartspelletje is, maar bomvol zit met moeilijke vragen zonder duidelijke antwoorden. En laat ik daar nou net dol op zijn.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

De melds die je in Haggis mag maken: een enkele kaart, een paar, een straat van 3+ kaarten in dezelfde kleur, en een 'stair', een set van twee opvolgende kaarten in verschillende kleuren.
De melds die je in Haggis mag maken | foto: Yorom

Wat is daar dan bijzonder aan?

Dit soort spellen werken eigenlijk zelden met weinig spelers. 535 (een ander spel van dezelfde uitgever) werkte ook goed met minder spelers, maar Haggis voelt echt super. Ik kan mijn vinger er niet helemaal op leggen, maar dit spel voelt anders dan veel andere spellen in dit genre. Als ik moest gokken, dan komt dat door de drie plaatjeskaarten. Die drie kaarten zijn (denk ik) de smeer die deze motor soepel laat draaien. Het zorgt ervoor dat je makkelijker setjes kan maken, dat je punten kan scoren endat je altijd een of meer bommen achter de hand hebt. Maar, heel belangrijk, het spelen ervan heeft nog steeds risico! Echt top, I love it.

Ik merk ook dat ik vaak naderhand nog nadenk over de manier waarop ik gespeeld heb, wat een goed teken is. Er zijn niet zo heel veel spellen waar ik naderhand écht nog over nadenk, wat ook een beetje komt doordat ik zo veel spellen speel. Ik focus dan meer op het gevoel wat ik had tijdens het spelen, in plaats van de plays. Nou, bij Haggis is dat mooi niet zo – ik analyseer me naderhand de moeder. Ik wíl beter worden, omdat ik het gevoel heb dat het spel zelf me elke hand de middelen geeft om te winnen. Als me dat niet lukt, dan ligt dat aan mezelf. Dat is een goed gevoel, vooral bij een kaartspel.

Verder is de productie top, met een speciale shout-out voor de boer, koning en koningin. Ik ben van mening dat je een statement maakt als je een kaartspel op tarotformaat uitbrengt; je wil dus kennelijk dat je kaarten écht gezien worden. Bij dit spel voelt die keuze heel passend, al kan ik niet precies uitleggen waarom. Het voelt logisch dat je kaarten lekker groot zijn, dat je het prachtige glas-in-lood artwork goed kan zien en dat je de getallen duidelijk hebt. Het voelt zowel functioneel als esthetisch bevredigend, en ik ben blij dat Portland Games Collective die keuze heeft gemaakt.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Kijk hoe mooi deze kaarten zijn! | foto: Yorom

Blij met lege handen

Voor ik verder ga, moet ik eerst iets bekennen – ik ben heel slecht in Haggis. Wat een compliment voor Haggis dat ik het desalniettemin eigenlijk de hele dag wil spelen. Ik heb het leeuwendeel van het testen samen met mijn partner gedaan, en zij heeft eigenlijk alle potjes gewonnen. Sterker nog, ze heeft zelfs het grootste gedeelte van de handen die we speelde gewonnen. Dat is voor mij een teken dat de gameplay van Haggis echt goed zit; waarom zou ik het anders willen blijven spelen?

Ik ben ook erg onder de indruk van de slimme twists in Haggis. Het deelt een goed deel DNA met Tichu (mijn favoriete kaartspel ooit), maar werkt uitzonderlijk goed met weinig spelers doordat ze een paar slimme dingen aan hebben gepast. Normaal gesproken spring je een gat in de lucht als je een bom in je hand hebt bij dit soort spellen, maar bij Haggis is het gelijk een nieuw vraagteken. Het zou kunnen dat de nuances die daarbij horen meer iets voor de kenner is, maar ik blijk dat te zijn! Ik hou van spellen die me kunnen verrassen, zelfs als ik het genre al door en door ken.

Daarnaast ben ik ook altijd blij als een spel mij straft voor mijn eigen hoogmoed. Je mag bij Haggis een aantal punten wedden voordat je kaarten speelt. Win je de hand, dan krijg je die punten bovenop je normale score. Verlies je de hand, dan gaan al die punten naar je tegenstander. Mijn partner zei dat de puntentelling in dit spel wat te ruig is voor haar, aangezien je iets van vier dingen scoort (je eigen kaarten, de kaarten in de hand van je tegenstander, wat er in de haggis zit én de weddenschappen), maar dat maakt mij niet uit. Straf mij maar, had ik maar na moeten denken. Al kan ik me goed voorstellen dat ik een van de weinige ben met die mening, daarover nu meer.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Alles wat je nodig hebt voor een spel met twee, drie en vier spelers! | foto: Yorom

En nu gaan we toch weer even moeilijk doen

Ik moet eerlijk toegeven dat Haggis goed spelen nog niet zo simpel is. “Dat komt omdat je steeds verliest!”, roep je me nu vast toe, maar dat is niet alleen de reden. Haggis is, denk ik, een spel voor de kenner. Vergelijk het maar met SCOUT – dat spel kan door iedereen gespeeld worden. Haggis is, doordat het wat gekke dingen doet met de combinaties die je kan spelen, gelijk moeilijker om te doorgronden. Je ziet mensen gewoon langer naar hun kaarten kijken en zich afvragen hoe ze zich hier goed doorheen moeten werken. Dat heb je bij SCOUT niet.

Daar komt bovenop dat het goed spelen van een bom in Haggis echt een kunst is, wat jammer is. In elk ander spel is een bom de grootste stok op de speelplaats, maar bij Haggis is het een mes wat aan twee kanten snijdt. Daardoor zie je dat veel spelers hun bommen niet willen gebruiken, omdat ze slecht kunnen overzien wanneer dat nou écht goed is. Ik heb zelfs potjes Haggis gespeeld waarin er nul bommen gespeeld zijn! Ik vind dat heel interessant, maar ik heb ook gepraat met spelers die het vooral heel moeilijk in te schatten vonden. Sterker nog, een speler had bommen spelen categorisch afgeschreven, want “waarom zou ik mijn tegenstander punten geven?” Dat laat zien dat sommige delen van Haggis misschien té subtiel zijn. Maar voor wie is dit spel dan wel?

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Hoe zou jij deze hand spelen? | foto: Yorom

Wie is dan het publiek hiervoor?

Ik hou mezelf altijd voor dat ik deze reviews eigenlijk vooral voor mezelf schrijf, maar in de praktijk kan dat natuurlijk niet waar zijn. Ik zet ze online, ik wil dat ze gelezen worden, en ik hoop dat mensen daardoor hun nieuwe favoriete spel kunnen vinden. En dat vinden, dat is nog wat lastiger voor Haggis. Haggis is waarschijnlijk niet ‘gewoon’ te bestellen bij de spellenwinkel, wat betekent dat je hem moet importeren vanuit Amerika. Heb ik ook gedaan, en ben ik zeer gelukkig mee, maar dat is zeker niet voor iedereen weggelegd. Aan wie zou ik dit spel dan aanraden?

Ik zou eerst zeker weten dat je dit soort spellen leuk vindt. Ben je fan van SCOUT, Tichu of Yokai Septet, dan zou ik Haggis overwegen. Verder is dit spel ook vooral interessant voor mensen die een trick-taker willen spelen met minder dan vier mensen. Je kan Haggis ook spelen met drie en vier mensen, maar de twee speler variant is verreweg mijn favoriet. Er zijn wel andere trick-takers die ook goed werken met twee spelers (zoals Claim, en Sail), maar die voelen heel anders. SCOUT ook met z’n tweeën, maar Haggis is leuker dan SCOUT met weinig mensen. Ben je daarnaar op zoek, dan zou ik een kijkje nemen naar Haggis. Ben je dat niet, dan zou ik twee keer nadenken voordat ik dit spel de oceaan over zou laten vliegen.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Als je de vraag “moet ik hier bommen?” niet interessant vind, dan is dit niks voor jou. | foto: Yorom
Review inladen…

Gameplay: Haggis staat aan de top van zijn klasse. Een shedding game bomvol interessante, moeilijke vragen wat toch snel speelt en bevredigende beurten oplevert. Net als Tichu is dit een spel waarvan het de moeite waard is om er écht goed in te worden.

Speelbaarheid: Haggis is leuk met twee, drie en vier spelers (ook al is twee spelers mijn favoriet). Beurten vliegen voorbij en zijn vet interessant. Spelers die écht goed zijn worden wel sneller beloond dan spelers die het nog moeten leren, maar de leercurve doorlopen is bij dit spel ook belonend.

Vormgeving: de boeren, koninginnen en koningen zijn prachtig. De nummerkaarten zijn duidelijk, hebben vier indexes (dankjewel!) en zijn makkelijk leesbaar. Dit is ook een spel waarbij het terecht voelt dat de kaarten op tarotformaat zijn. Als de icoontjes makkelijker te differentiëren waren (voor kleurenblinden) dan hadden we een perfecte score. Het lettertype op de player aides had ook groter gemogen.

Duurzaamheid: Haggis is het schoolvoorbeeld van duurzaam game design. Dit is een spel waar je alleen maar beter in wordt, en de interessante plays maken zichzelf steeds duidelijker en duidelijker naarmate je meer speelt.

Handleiding: de handleiding van Haggis is top notch, mits je Engels kan. De schrijvers vermijden jargon en gebruiken duidelijke voorbeelden, waardoor ook mensen die de regels niet kennen het spel snel op kunnen pakken. Topspul, me dunkt.

Haggis kwam voor mijn gevoel uit het niets, en schoot gelijk naar de bovenkant van mijn persoonlijke trick-taking ranglijst. Niet vreemd, aangezien het een hoop DNA deelt met mijn nummer 1 Tichu, maar desalniettemin indrukwekkend. Er zijn niet zo veel trick-takers die écht leuk zijn met twee spelers, en dit is dan ook nog eens de beste van die kleine groep. Ik kan me niet voorstellen dat ik dit spel ooit weg ga doen. Als ik dit spel had toen ik mijn lijst met trick-taker tips schreef, dan had deze daar absoluut op gestaan.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Potje Haggis doen? | foto: Yorom

Wat ik verder nog kwijt wil

Ik krijg soms de vraag waarom ik over spellen schrijf die moeilijk te krijgen zijn, en dat vind ik eigenlijk best dubbel. Enerzijds is het doel van deze website om spellen bij mensen onder de aandacht te brengen, maar wat voor zin heeft dat als je dat spel dan nooit kan spelen? Als ik enthousiast wordt van iets, dan lijkt het mij logisch om erover te praten. We hebben deze website niet om jullie lezers te stimuleren om zo veel mogelijk knaken over de balk te gooien, maar om je te informeren. Ik kies er dus voor om je ook te informeren over dingen die misschien moeilijk te vinden zijn, zolang ze de moeite waard zijn. Jij kan dan de inschatting maken of je ernaar op zoek gaat, dat is verder niet aan mij – maar je weet nu in ieder geval dat dit bestaat, en dat an sich vind ik al de moeite waard.

Portland Games Collective gaat in de nabije toekomst een Kickstarter campagne runnen voor Boast Or Nothing, een fantastische trick-taker die ik tot nu toe alleen digitaal heb kunnen spelen. De Kickstarters van Portland Games Collective worden altijd goed gerund en worden op tijd geleverd, dus ik kan ze van harte aanraden. Ik ben er in ieder geval als de kippen bij zodra die campagne live gaat.

Artikel gaat verder na de afbeelding >

Haggis in al diens glorie. | foto: Yorom

Wat vind jij?

Moet ik alleen praten over spellen die je makkelijk bij de spellenwinkel om de hoek kan krijgen, of ben jij (net als ik) ook een schatzoeker? Wanneer ben jij voor het laatst verrast door een spel, en welke was dat dan? Wat is jouw favoriete kaartspel voor met twee of drie spelers? Laat het me vooral weten in de comments!

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Bordspel gegevens ophalen…

Yorom

Bovenbouw docent in het dagelijks leven, maar in mijn vrije tijd zit ik het liefst tussen de bordspellen. Ik hecht veel waarde aan interactie en het spel wat zich boven tafel afspeelt. Qua genre speel ik graag social deduction spellen, trick-takers, eurogames met veel interactie en party spellen met regels voor op de zijkant van een bierviltje. Weloverwogen maar lang van stof.

Bekijk Berichten